Dinsdag 21 april 2026, commissie Immigratie & Asiel / JBZ-Raad (I&A/JBZ)




Agenda

1.Vaststellen agenda


2.36871

Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026

Beslispunten

  • welke fracties wensen heden inbreng voor het verslag te leveren?
  • wenst de commissie het wetsvoorstel aan te melden voor plenaire behandeling onder voorbehoud van tijdige ontvangst van de nota naar aanleiding van het verslag?
  • zo ja, welk datumvoorstel voor de plenaire behandeling wenst de commissie aan de Kamervoorzitter te doen?
  • zo ja, welke termijn wenst de commissie te stellen voor de ontvangst van de nota naar aanleiding van het verslag?

Toelichting

Op 12 juni 2026 treedt het Europees Asiel- en migratiepact in werking. Het Pact bestaat uit negen verordeningen en de richtlijn opvangvoorzieningen. De Terugkeerverordening, waarover momenteel nog onderhandeld wordt, maakt geen deel uit van het Pact. De Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026 dient ter uitvoering van de verordeningen en implementatie van de richtlijn.

De commissie besloot in haar vergadering van 7 april om vandaag inbreng voor het verslag te leveren. De commissie besloot daarbij de behandeling tot één schriftelijke ronde te beperken en tevens een technische briefing over het wetsvoorstel te houden op 21 april 2026 in de ochtend. De commissie sprak ten slotte uit te streven naar een spoedige plenaire behandeling van het wetsvoorstel na het meireces en indien mogelijk op 19 mei 2026.

Op 19 mei staat nu de voortzetting van de behandeling van het voorstel voor een Gedragscode ongewenste omgangsvormen Eerste Kamer (CLXX) gepland. Dit betreft een debat met het College van Voorzitter en Ondervoorzitters waarvan de eerste termijn van de Kamer op 21 april gepland is. Op 19 mei heeft de commissie tevens een kennismakingsgesprek met de minister van A&M, dus hij zou die dag beschikbaar moeten zijn. Op 26 mei behandelt de Kamer het voorstel voor de Wet herziening wettelijke grondslagen kerndoelen (36.699).

Internetconsultatie en uitvoeringstoetsen

Cf. de notitie Uitvoerbaarheid, handhaafbaarheid en doenvermogen burgers treft u hieronder een overzicht met link naar de internetconsultatie en uitvoeringstoetsen.


Inbreng voor het verslag

3.T03726

Toezegging Herziene inrichting asielprocedure en asielketen (36.373); Verslag van een schriftelijk overleg met de minister van A&M over de situatie van kinderen in de asielopvang; Tijdelijke wet tijdelijke nieuwkomersvoorzieningen in het onderwijs

Beslispunten

  • Wenst de commissie naar aanleiding van de brief van 1 april 2026 met de minister in nader schriftelijk overleg te treden?
  • Wenst de commissie de status van de motie-Van Meenen (D66) c.s. te wijzigen? (nu: deels uitgevoerd)
  • Wenst de commissie de status van toezegging T03726 te wijzigen? (nu: deels voldaan)

Toelichting

Op 5 maart 2024 nam de Eerste Kamer de gewijzigde motie-Van Meenen (D66) c.s. over een herziene inrichting van de asielprocedure en de asielketen (36.373, H) aan. Het dictum van de motie luidt:

verzoekt de regering ten behoeve van het nieuwe kabinet voor de zomer van 2024 te komen tot een voorstel voor een herziene inrichting van de asielprocedure en de asielketen, die het aantal gedwongen verplaatsingen van kinderen tot maximaal 1 reduceert;

Over de uitvoering van deze motie en de daarmee samenhangende Toezegging Herziene inrichting asielprocedure en asielketen (36.373) (T03726) heeft de commissie bij brief van 2 juli 2024 vragen voorgelegd aan de toenmalige minister van Asiel en Migratie. De commissie heeft vervolgens bij brief van 11 februari 2025 vragen aan dezelfde minister voorgelegd over de Actualisering van de uitvoeringsagenda flexibilisering asielketen, mede in verband met de motie-Van Meenen c.s.

Vanwege het lange tijd uitblijven van antwoord en het niet uitvoeren van de motie heeft de commissie op 8 juli 2025 een mondeling overleg gevoerd met de toenmalige minister voor Asiel en Migratie. Tijdens het mondeling overleg heeft de minister nadere informatie toegezegd. Ter uitvoering van deze toezegging heeft de minister de Kamer op 19 september een afschrift gestuurd van haar brief van dezelfde dag aan de Tweede Kamer. In de brief aan de Tweede Kamer wordt aangegeven dat deze óók moet worden gezien als een reactie op de hierboven genoemde commissiebrieven van 2 juli 2024 en 11 februari 2025. De commissie heeft deze uitleg geaccepteerd en in haar vergadering van 7 oktober jl. besloten gelegenheid te willen bieden voor het leveren van inbreng voor schriftelijk overleg.

De uitgaande commissiebrief van 12 november vorig jaar is, na een rappel, op 1 april jl. beantwoord.


Bespreking verslag schriftelijk overleg en status motie en toezegging

4.36871 / 19637, E

Brief van de minister van A&M ter aanbieding van de rapportage verkenning nieuwe asielprocedure; Vreemdelingenbeleid

Beslispunt

Wenst de commissie naar aanleiding van de brief van 3 april 2026 met de minister van A&M in overleg te treden of wenst de commissie de brief te betrekken bij de behandeling van de Uitvoerings- en implementatiewet EU Asiel- en migratiepact?

Toelichting

Bij brief van 3 april 2026 zendt de minister van A&M de Kamer een afschrift van zijn brief van 20 maart 2026 aan de Tweede Kamer over de aanbieding van de rapportage “Verkenning nieuwe asielprocedure” van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND).

De verkenning wordt aangeboden aan de Eerste en Tweede Kamer ten behoeve van de behandeling van de Uitvoerings- en implementatiewet EU Asiel- en migratiepact (zie agendapunt 2). Het stuk wordt ook bijgevoegd als bijlage bij de geplande reguliere voortgangsbrief Pact.

In de verkenning wordt ten slotte verwezen naar de Motie-Dittrich (D66) c.s. over een uitvoeringstoets voor de partners in de asielketen (36.600 XX, K):

De Eerste Kamer heeft daarnaast op 25 maart 2025 een motie aangenomen, waarin de regering wordt verzocht om ‘bij nieuwe wet- en regelgeving die qua uitvoering van de partners in de asielketen veel werk vergt, aan de Eerste Kamer een uitvoeringstoets te overleggen, waaruit blijkt dat de partners in de asielketen in staat zijn die voorstellen daadwerkelijk en redelijkerwijs te kunnen uitvoeren’. Hoewel dit onderzoek een verkenning is, zal het wel gehoor geven aan deze motie. Het rapport zal namelijk met de Eerste en Tweede Kamer gedeeld worden, en zodoende inzicht geven in de eventuele risico’s, kansen en randvoorwaarden voor de uitvoerbaarheid.


Bespreking

5.E260010

Commissiemededeling: Europese strategie voor asiel- en migratiebeheer

Beslispunten

Welke fracties wensen heden inbreng voor schriftelijk overleg met de regering en/of de Europese Commissie te leveren?

NB. graag een duidelijk onderscheid aanbrengen tussen vragen voor de regering en vragen voor de Commissie.

Toelichting

Op 29 januari 2026 heeft de Europese Commissie een mededeling gepubliceerd met de titel Europese strategie voor asiel- en migratiebeheer. De mededeling is in 2025 door de commissie als prioritair aangemerkt, als gevolg waarvan zij in de commissievergadering van 10 februari jl. geagendeerd is om de gewenste procedure te bepalen. De commissie heeft in die vergadering besloten de mededeling opnieuw te agenderen wanneer het BNC-fiche de Kamer is toegezonden.

Later is ambtelijk vernomen dat er geen BNC-fiche zal worden opgesteld voor de Europese strategie voor asiel- en migratiebeheer. Wel is in de geannoteerde agenda van de formele JBZ-Raad van 5 en 6 maart 2026 (32.317, PY, p. 2-3; zie hieronder) een appreciatie van de strategie opgenomen. Daarnaast is de Nederlandse vertaling van het document inmiddels beschikbaar. De commissie besloot in haar vergadering van 24 maart jl. de strategie in behandeling te nemen en op 21 april 2026 gelegenheid te bieden voor het leveren van inbreng voor schriftelijk overleg met de regering en/of de Europese Commissie.

Appreciatie regering

Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad: Europese asiel- en migratiebeheerstrategie

Op 29 januari jl. publiceerde de Commissie de vijfjaarlijkse strategie voor asiel- en migratiebeheer conform de gelijknamige verordening. In de strategie formuleert de Commissie vijf prioriteiten: 1) Migratiediplomatie intensiveren, 2) Sterke EU-grenzen voor betere controle en Veiligheid, 3) Een stevig, eerlijk en aanpasbaar asiel- en migratiestelsel, 4) Doeltreffender terugkeer en overnamebeleid, 5). Arbeids- en talentmobiliteit om het concurrentievermogen te stimuleren. De strategie is een herbevestiging van de lopende inzet op deze vijf prioriteitsgebieden; de afgelopen jaren zijn er op deze gebieden significante stappen zijn gezet. Voorbeelden hiervan zijn het akkoord over het Europese Asiel- en Migratiepact en de verschillende brede, strategische partnerschappen die de Commissie met landen buiten de EU is aangegaan. De aankomende vijf jaar staan in het teken van het bestendigen en versterken van dit beleid. Het kabinet verwelkomt de strategie en steunt in grote lijnen de prioriteiten die daarin geschetst worden. Hieronder wordt een korte appreciatie gegeven op de inzet van de Commissie op de vijf prioriteiten.

Het kabinet verwelkomt de focus van de Commissie op het verder vormgeven en versterken van de samenwerking met derde landen door middel van brede en wederkerige partnerschappen. Onderdeel hiervan is steun voor opvang in de regio, terugkeerondersteuning en de versterking van de aanpak van mensensmokkel, onder andere door de voorzetting van de Global Alliance Against Human Smuggling. Het kabinet kijkt in dat kader ook uit naar het Commissievoorstel voor een sanctie instrument tegen mensensmokkelaars. Hoewel de Commissie oog heeft voor innovatieve oplossingen in de strategie acht het kabinet het van belang dat de Commissie haar strategie verder concretiseert op dit punt om innovatieve oplossingen zoals terugkeerhubs en het veilig-derde-land concept te operationaliseren. De geschetste aanpak van de Commissie voor een breed spectrum aan maatregelen, waar naast de inzet op brede partnerschappen, ook het inzetten van negatieve maatregelen, waaronder visummaatregelen en het algemeen preferentieel stelsel, onderdeel van zijn, sluit aan bij de inzet van het kabinet.

Het kabinet onderschrijft het belang van het versterken van het buitengrensbeheer als één van de vijf prioriteiten voor de komende vijf jaar. De Commissie legt in dit kader de focus op het verder ontwikkelen en uitrollen van de digitale grensbeheersystemen waaronder het in-uitreissysteem (EES), het Europese systeem voor reisinformatieautorisatie (ETIAS), alsook de tijdige implementatie van de screeningsprocedure. Dit is in lijn met de inzet van het kabinet. In het verlengde daarvan is digitalisering en de inzet van technologische innovatie waaronder artificiële intelligentie, inclusief een aankondiging van een AI-forum, een focusgebied in de strategie. Daarnaast verwijst de Commissie naar de geplande herziening van de Frontex-verordening om grensbeheer te versterken. Voor Nederland staan, in lijn met de strategie, innovatie en informatiegestuurd optreden voorop bij het grensbeheer. Het is van belang dat het gebruik van nieuwe innovatieve systemen en verdere digitalisering van grensmanagement leidt tot versterking van informatie- en risico gestuurd optreden van grensautoriteiten. Het kabinet zet zich hier actief in de EU voor in. Daarnaast roept het kabinet in de EU op tot het aanpakken van structurele kwetsbaarheden en tekortkomingen van het Schengenacquis.

Op het EU asiel- en migratiestelsel benadrukt de Commissie, in lijn met Nederlandse inzet, dat een tijdige en volledige implementatie van het Pact noodzakelijk is. Het kabinet zet zich hier op Europees niveau stelselmatig voor in. De Commissie neemt verder een vlucht vooruit naar de evaluatie van de asiel- en migratiebeheerverordening (AMMR) en de asielprocedureverordening (APR), die aangekondigd is in 2027. Het kabinet zal dit nauwgezet volgen. Een goede evaluatie is cruciaal om te kunnen beoordelen hoe regelgeving wordt toegepast in de praktijk en om vast te stellen of er tekortkomingen zijn in de regelgeving.

De Commissie zet verder in op het bouwen aan een gemeenschappelijke Europees terugkeersysteem. De basis hiervoor moet in de toekomst de terugkeerverordening worden. De Commissie noemt ook expliciet de ontwikkeling van terugkeerhubs als onderdeel van het gemeenschappelijk Europees terugkeersysteem. Het is voor het kabinet een prioriteit om het terugkeersysteem en daarmee de terugkeercijfers in de EU te verbeteren en ziet het belang van het inzetten van het gehele EU-instrumentarium voor het verbeteren van de terugkeersamenwerking met derde landen. Ook steunt het kabinet dat de Commissie in haar strategie specifiek aandacht geeft aan terugkeer naar complexe landen en gebieden waaronder Syrië. Het kabinet blijft oproepen tot een gecoördineerde EU inzet op Syrië om irreguliere migratie tegen te gaan en terugkeer te bevorderen door bij te dragen aan het verbeteren van de veiligheid en socio-economische omstandigheden in Syrië.

Als laatste wil de Commissie stevig blijven inzetten op arbeids- en talentmobiliteit in de samenwerking met derde landen onder andere door bestaande talentpartnerschappen uit te breiden en nieuwe te lanceren. De Commissie introduceert geen wetgevende voorstellen, maar doet wel aanbevelingen om het bestaande EU-acquis beter te benutten, bijvoorbeeld door procedures te vereenvoudigen. In het bijzonder heeft de Commissie – samen met de EU-visumstrategie – een separate aanbeveling gepubliceerd over het aantrekken van talent ter bevordering van innovatie. Ook zet de Commissie in haar strategie in op het bestrijden van arbeidsuitbuiting en het bevorderen van integratie van arbeidsmigranten. Het is positief dat de Commissie arbeidsmobiliteit nadrukkelijker verbindt aan migratiediplomatie, met zowel aandacht voor kansen om talent aan te trekken, als voor risico’s die dat mee kan brengen, zoals arbeidsuitbuiting. Ook onderschrijft het kabinet dat kennismigratie nodig blijft voor het behoud van het concurrentievermogen van de Unie. Tegelijkertijd is het kabinet kritisch op het directe verband tussen arbeidsmigratie en tekorten op de arbeidsmarkt. Ook had het kabinet in dit verband graag aandacht gezien voor de problematiek rond doordetachering van derdelanders. Uw Kamer wordt voorts via het reguliere BNC-traject geïnformeerd over de aanbeveling van de Commissie inzake het aantrekken van talent ter bevordering van innovatie.

De vijfjarige asiel- en migratiebeheerstrategie van de Commissie vormt een goede basis voor de Europese asiel- en migratieagenda voor de aankomende jaren. Het kabinet kijkt daarom uit naar de verdere uitrol van de strategie en de daarmee samenhangende voorstellen.


Inbreng voor schriftelijk overleg

6.Mededelingen en informatie

Brief voor de stemming

Tijdens het plenaire debat van afgelopen dinsdag over de asielwetsvoorstellen heeft de minister van A&M de Kamer een brief vóór de stemmingen toegezegd. Daarin zou worden ingegaan op de ambtshalve toets aan artikel 8 EVRM bij de nareisaanvraag van ongehuwde partners met een asielvergunning. De griffie heeft van het ministerie vernomen dat deze brief maandag 20 april naar de Kamer komt.


7.Rondvraag


8.Openstaande correspondentie

Ter herinnering: overzicht openstaande correspondentie

Overzicht openstaande correspondentie

Verzonden

Onderwerp

(N)SO: (nader) schriftelijk overleg

Reactietermijn

Toelichting

Brieven

09/12/'25 aan stas en min J&V en min A&M

Brief met vragen inzake verslag formele JBZ-Raad van 13 en 14 oktober 2025

06/01/'26

Uitgaande brief

Op 28 januari 2026 rappelbrief verstuurd aan de minister van A&M

17/12/'25 aan min A&M

Brief betreffende de uitvoering van de motie-Perin-Gopie c.s. over het stimuleren van duurzame kleinschalige opvang (36.333, I)

21/01/'26

Uitgaande brief

Op 28 januari 2026 rappelbrief verstuurd aan de minister voor A&M

03/02/'26 aan min A&M

Brief met vragen inzake verslag van de formele JBZ-Raad van 8 en 9 december 2025

03/03/'26

Uitgaande brief

10/03/'26 aan min A&M

Brief over de arbeidsparticipatie van statushouders

07/04/'26

Uitgaande brief

31/03/'26 aan min A&M

Brief met nadere vragen inzake het voorstel voor een Terugkeerverordening

28/04/'26

Uitgaande brief

Verslagen

versie: 15/04/'26