T04138

Toezegging Monitoring effect vliegbelasting (36.812)



De staatssecretaris van Financiën, Fiscaliteit en Belastingdienst en Douane, zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Baumgarten (JA21), toe dat de effecten van de differentiatie in de vliegbelasting jaarlijks worden gemonitord en dat deze monitoring met de Kamer wordt gedeeld.


Kerngegevens

Nummer T04138
Status openstaand
Datum toezegging 15 december 2025
Deadline 1 juli 2027
Verantwoordelijke(n) Staatssecretaris van Financiën
Kamerleden dr. R. Baumgarten (JA21)
Commissie commissie voor Financiën (FIN)
Soort activiteit Plenaire vergadering
Categorie evaluatie
Onderwerpen effecten
evaluaties
monitoring
vliegbelastingen
Kamerstukken Belastingplan 2026 (36.812)


Uit de stukken

Handelingen I 2025/2026, nr. 12, item 2, p. 35

De heer Baumgarten (JA21):

(…)

Vanuit dat kader beoordeelt JA21 de fiscale voorstellen die vandaag voorliggen. De Wet differentiatie vliegbelasting is een duidelijk voorbeeld van hoe het fout gaat. De regering presenteert deze belasting deels als milieumaatregel, maar erkent in een nota aan deze Kamer dat het primaire doel budgettair is. Wat is dan de feitelijke milieuwinst? Uit onderzoek van CE Delft blijkt dat de totale mondiale CO2-uitstoot van de Nederlandse luchtvaart door deze maatregel slechts met 1,9% afneemt. Dat effect staat in geen verhouding tot de lastenverzwaring die deze wet veroorzaakt. De economische gevolgen worden eveneens onderbelicht. Volgens de eigen toelichting van het kabinet zal ongeveer een op de vier getroffen reizigers uitwijken naar luchthavens over de grens. Nederland is daarmee ongeveer het meest luchtvaartonvriendelijke land in Europa. Dat betekent onvriendelijk tegenover echte banen en echte inkomsten, het weglekken van welvaart en verslechtering van het vestigingsklimaat. Daar komt bij dat Duitsland per 1 juli 2026 de vliegbelasting verlaagt. In de geïntegreerde Europese luchtvaartmarkt is dat geen detail, maar een structureel concurrentienadeel voor Nederland. De regering kan op dit moment geen duidelijk antwoord geven op de vraag wat daarvan de effecten zijn. De regering verwijst slechts naar toekomstig overleg met CE Delft.

Voorzitter. Wanneer een belastingmaatregel zulke beperkte milieuwinst en zulke duidelijke economische risico's kent, is een evaluatietermijn van vijf jaar niet verantwoord. Bijsturing moet tijdiger mogelijk zijn, zoals de Duitsers dat hebben gedaan. Een belasting die nauwelijks milieuwinst oplevert, maar wel mobiliteit en ondernemerschap schaadt, moet niet vijf jaar boven de markt blijven hangen voordat deze opnieuw wordt getoetst. Kan de regering toelichten waarom een belasting zonder eigen milieudoelstelling überhaupt via de milieusfeer wordt gerechtvaardigd? Kan de staatssecretaris toezeggen om twee jaar na de inwerkingtreding van het wetsvoorstel een tussentijdse, monitorende effectenrapportage met deze Kamer te delen?

Handelingen I 2025/2026, nr. 13, item 8, p. 6

Staatssecretaris Heijnen:

Sorry, ik probeer de vragen zo veel mogelijk een voor een te beantwoorden. Ik moet er nog aan wennen. Misschien moet ik sneller doorspreken. Dan hoeft u niet op te staan. U had gevraagd of ik zou kunnen toezeggen om binnen twee jaar een tussentijdse, monitorende effectenrapportage op te stellen. Dat wordt lastig. Dat kan ik eigenlijk niet toezeggen, want een evaluatie binnen twee jaar na inwerkingtreding geeft naar verwachting nog geen volledig beeld van de effecten van de maatregel. Wel zullen de effecten van de maatregel jaarlijks gemonitord worden. Dat kan ik wel toezeggen. Indien daar aanleiding toe bestaat, wordt bezien of een eerdere evaluatie of bijstelling wenselijk is. Deze monitoring zal ongetwijfeld met de Kamer gedeeld worden.

De heer Baumgarten (JA21):

Dank aan de staatssecretaris hiervoor. Ik beschouw het toch even als een toezegging. U gaat het dus jaarlijks monitoren en eventueel bijstellen. Ik vind het wel een wonderlijk antwoord, moet ik constateren, dat het na twee jaar niet mogelijk is, maar wel per jaar. Dat geeft kortsluiting in mijn brein, maar dat zegt misschien iets over mij.

Staatssecretaris Heijnen:

Misschien dat de kortsluiting wordt veroorzaakt door de evaluatie, die veel omvattender is dan de jaarlijks terugkerende monitoring.

De voorzitter:

De staatssecretaris vervolgt zijn betoog, hoop ik dan.

De heer Baumgarten (JA21):

Ik ga toch nog even de diepte in. Ik ga er dan van uit dat die monitoring ook effecten gaat benoemen, want daar hebben we het natuurlijk over. Zijn er conclusies te trekken uit die monitoring? Daar gaat mijn verzoek aan de staatssecretaris natuurlijk over.

Staatssecretaris Heijnen:

Jazeker. Ik geef ook aan: indien de monitoring of een eerdere evaluatie aanleiding geeft tot bijstelling, wordt daarop geacteerd.

De heer Baumgarten (JA21):

Dan beschouw ik de toezegging toch als voldaan. Dank u.


Brondocumenten


Historie

  • 15 december 2025
    toezegging gedaan