Plenair Van Langen-Visbeek bij behandeling Begroting Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening 2026



Verslag van de vergadering van 16 juni 2026 (2025/2026 nr. 34)

Status: ongecorrigeerd

Aanvang: 10.32 uur

Een verslag met de status "ongecorrigeerd" is niet voor citaten en er kan geen recht aan ontleend worden.


Bekijk de video van deze spreekbeurt

Mevrouw Van Langen-Visbeek i (BBB):

Dank u wel, voorzitter. Minister, bedankt voor uw toezegging dat u aan de slag gaat met het tegengaan van misbruik bij huurtoeslag bij particuliere verhuurders en dat onze Kamer hierover geïnformeerd wordt en dat we voor de zomer een brief krijgen over de stappen die u gaat zetten om het wonen op vakantieparken mogelijk te maken. In mijn betoog heb ik aangegeven dat het niet mij niet alleen gaat om het ombouwen van vakantieparken tot woonwijken, want daar komt inderdaad nogal wat bij kijken. Ik heb daar zelf als wethouder in mijn gemeente mee te maken gehad. Daar hebben we van drie recreatieparken zeg maar woonwijken gemaakt. En inderdaad, er moet soms een tweede ontsluiting komen, een regeling voor hoe het huisvuil wordt opgehaald en dat soort zaken. Maar goed, dat is doenbaar. De vraag was of er gedurende de woningnood, die nog wel even zal duren, een tijdelijke gedoogconstructie kan komen.

Dan zijn vragen op een aantal onderwerpen in de ogen van mijn fractie onvoldoende beantwoord. Ik wil de minister eigenlijk een steuntje in de rug geven met de aanpak van de woningnood. Vandaar dat ik twee moties wil indienen, voorzitter. De eerste motie betreft het herstellen van de investeringsruimte van corporaties via de afschaffing van de vennootschapsbelasting.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de woningcorporaties een berekend tekort hebben van 20 miljard euro om aan hun maatschappelijke taken voor nieuwbouw, verduurzaming en de Nationale Prestatieafspraken te voldoen;

overwegende dat de vennootschapsbelasting (vpb) jaarlijks circa 1,5 miljard euro aan broodnodige investeringscapaciteit uit de sector onttrekt, terwijl corporaties geen winstoogmerk hebben;

verzoekt de regering in overleg met het ministerie van Financiën te onderzoeken hoe de vpb-plicht voor woningcorporaties op korte termijn kan worden omgezet in een herbestedingsreserve, met als eis dat deze vrijgekomen middelen binnen een redelijke termijn geoormerkt besteed worden aan de versnelde bouw van (midden)huurwoningen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Van Langen-Visbeek, Jaspers, Walenkamp en Van Kesteren.

Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. Daarmee maakt zij deel uit van de beraadslaging.

Zij krijgt letter E (36800-XXII).

Mevrouw Van Langen-Visbeek (BBB):

Dan heb ik nog een volgende motie, over concrete stappen voor een versnelling.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de woningnood de grootste crisis is die we op dit moment hebben, dat wonen een grondwettelijk recht is, dat woningbouw wordt belemmerd door regeldruk en dat de regering voor defensie en netcongestie wel concrete stappen heeft gezet voor versnelling;

verzoekt de regering om met spoed wet- en regelgeving aan te passen zodat de procedures voor vergunningaanvragen korter worden, bijvoorbeeld door een gedoogplicht voor onderzoekswerkzaamheden en/of het met spoed doorvoeren van aanbevelingen van de commissie STOER,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Van Langen-Visbeek, Jaspers en Walenkamp.

Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. Daarmee maakt zij deel uit van de beraadslaging.

Zij krijgt letter F (36800-XXII).

Mevrouw Van Langen-Visbeek (BBB):

Daarmee kom ik aan het einde van mijn betoog. Dank u, voorzitter.

De voorzitter:

Dank u wel. Dan geef ik het woord aan mevrouw Van Aelst-den Uijl voor een korte tweede termijn.