Verslag van de vergadering van 29 juni 2026 (2025/2026 nr. 36)
Status: ongecorrigeerd
Aanvang: 19.51 uur
Een verslag met de status "ongecorrigeerd" is niet voor citaten en er kan geen recht aan ontleend worden.
De heer Koffeman i (PvdD):
Voorzitter, dank u wel, en welkom aan de minister en de staatssecretaris in dit huis. Twee weken geleden voerden wij een uitvoerig debat over ontwikkelingssamenwerking. Daarin werd gediscussieerd over bedragen tot achter de komma. Tegelijkertijd lijkt er nauwelijks discussie mogelijk over het voornemen om de komende vijf jaar rond 5% van ons bruto binnenlands product aan defensie te besteden. Dat verschil is opmerkelijk. Wat maakt de NAVO-norm voor defensie zo anders dan de OESO-norm van 0,7% voor ontwikkelingshulp? Is het kabinet het met mijn fractie eens dat ontwikkelingshulp ook een essentiële rol speelt bij het veilig houden van de wereld? Graag een reactie.
Voorzitter. Het besluit om 5% van ons bruto nationaal product aan wapens, gevechtsschepen en militair personeel te besteden, werd gepresenteerd alsof er geen alternatief zou bestaan, alsof er anders binnenkort Russische tanks bij Arnhem aan de grens zouden staan. We zouden in oorlog zijn, of op z'n minst ergens tussen oorlog en vrede in. De fractie van de Partij voor de Dieren plaatst daar grote vraagtekens bij. Om de vele extra miljarden voor defensie bij elkaar te sprokkelen, gaat er minder geld naar zorg, arbeidsongeschikten en werklozen, publieke voorzieningen en, zoals gezegd, internationale ontwikkelingssamenwerking. Het recht van de sterkste wordt uitgeoefend en betaald over de rug van de zwaksten. Wat hebben Nederlanders aan al die extra miljarden voor wapens wanneer ze zelf geen woning kunnen vinden en wanneer ze hun medicijnen niet meer kunnen betalen? Draagvlak voor defensie kan alleen bestaan wanneer burgers ervaren dat ook hún zorgen serieus worden genomen. Waarom zouden onze jongeren moeten gaan vechten in een vreemd land of zich daarvoor klaar moeten houden, terwijl diezelfde jongeren dankzij slecht overheidsbeleid zuchten onder een studieschuld en al jaren bij hun ouders op zolder wonen? Kan de minister dat uitleggen? Waarom niet bezuinigen op de sterkste schouders? Graag een reactie.
Voorzitter. Veiligheid gaat niet alleen over tanks, raketten en gevechtsvliegtuigen; het gaat ook over bestaanszekerheid en over vertrouwen in de overheid. Maatschappelijke onvrede ondermijnt het vertrouwen in de democratische rechtsstaat en voedt de opkomst van extremistische bewegingen. Kan de minister reflecteren op deze bredere betekenis van veiligheid?
Voorzitter. De Russische dreiging wordt gepresenteerd als feit. Wie kritische vragen stelt, wordt al snel weggezet als Poetinversteher. Eerder uitte Rob de Wijk kritiek op de rol van ons land tijdens de Maidanrevolutie, die mede voorafging aan deze verschrikkelijke oorlog. Hoe groot is de militaire dreiging, waarop de enorme uitgaven volgens de NAVO-norm gebaseerd zijn, precies? Deelt de minister de analyse van de Amerikaanse NAVO-opperbevelhebber Grynkewich, die op 11 juni op een defensiebijeenkomst in Berlijn zei dat hij geen aanwijzingen ziet voor een voorgenomen Russische aanval op NAVO-grondgebied? Als de minister deze analyse niet deelt, waarop baseert zij dan een andere inschatting? Weet zij dat zelfs de huidige secretaris-generaal van de NAVO erop wees dat we de Russische economische en militaire slagkracht niet moeten overdrijven, omdat de Russische economie qua omvang vergelijkbaar is met die van Texas? De nieuwsberichten leren ons dat de Russen inmiddels worstelen met hun olievoorraad, dat de oorlogseconomie op instorten staat en dat er vrijwel geen soldaten meer te rekruteren zijn omdat ze sneuvelen met tienduizenden per maand.
Voorzitter. Is de minister ook bekend met het rapport "Europa allein zu Haus?" van professor Herbert Wulf van het Bonn International Centre for Conflict Studies? Uit die studie blijkt dat de Europese NAVO-landen samen met Canada, maar zonder de Verenigde Staten, meer militairen, tanks, artilleriesystemen en marineschepen hebben dan Rusland. Welke militaire noodzaak ziet de minister dan nog voor een verdubbeling van de defensie-uitgaven? Welke objectieve militaire analyses liggen ten grondslag aan de keuze om de defensie-uitgaven op te voeren richting 5% van het bruto binnenlands product? Graag een reactie.
Voorzitter. We vinden niet alleen dat de noodzaak van iedere extra defensie-euro overtuigend moet worden aangetoond, we vinden ook dat die democratisch en inzichtelijk moet worden verantwoord. Volgens de Algemene Rekenkamer worden vele miljarden uitgegeven zonder dat duidelijk is waaraan. De Rekenkamer constateerde dit jaar dat maar liefst 4,4 miljard euro van Defensie vorig jaar oncontroleerbaar werd besteed. Aanbestedingen verlopen niet volgens de regels en er is nog steeds geen gedegen beleid om fraude en corruptie te voorkomen. Ook gaf de Rekenkamer aan dat militaire locaties en militaire objecten kwetsbaar zijn voor ongeautoriseerde toegang. "We hebben het hier niet over het beveiligen van een pak hagelslag", zei de president van de Rekenkamer daarover.
Voorzitter. Juist wanneer budgetten explosief groeien, moet de controle sterker worden in plaats van zwakker. De Partij voor de Dieren-fractie vindt het onacceptabel dat tientallen miljarden extra worden vrijgemaakt terwijl de democratische controle daarop achterblijft. Kan de staatssecretaris aangeven welke maatregelen tot verbetering worden genomen op dit punt?
Voorzitter. Mijn fractie staat achter Oekraïne, maar we plaatsen vraagtekens bij de manier waarop Nederland zich steeds nadrukkelijker profileert als een van de belangrijkste militaire partners van Oekraïne. Bij VDL in Born en Destinus in Hengelo worden drones gefabriceerd die essentieel blijken voor de Oekraïense killzone. NRC berichtte dat mede dankzij onze drones een zone van zo'n 15 kilometer breed was gecreëerd waarbinnen alles en iedereen onmiddellijk wordt gezien en opgeblazen.
Voorzitter. In april van dit jaar publiceerde Rusland een lijst met potentiële doelwitten. Ook Destinus stond daarop. Is de minister het met mijn fractie eens dat de omvangrijke militaire steun aan Oekraïne ertoe kan leiden dat Nederland zelf een groter veiligheidsrisico gaat lopen? De MIVD waarschuwt al enkele jaren voor spionage rond onze strategische infrastructuur en voor Russische cyberaanvallen die zijn gericht op het ontregelen van Nederland. Hoe weegt de minister deze risico's? Vindt zij niet dat de Nederlandse bevolking daarover open en eerlijk moet worden geïnformeerd?
Voorzitter. Een vergelijkbare vraag geldt voor de inzet van Nederlandse fregatten in de Straat van Hormuz. Vergroot die inzet het risico dat Nederland betrokken raakt bij een conflict met Iran? Graag een reactie.
De heer Martens i (GroenLinks-PvdA):
Ik vraag mij af wat de heer Koffeman bedoelt met de passage zojuist over droneproductie in Nederland. De strijd die Oekraïne voert voor zijn vrijheid en voor zijn overleven kan ik voor mijzelf sprekend van harte steunen. Als dat betekent dat wij onszelf ook op een bepaalde manier aan enig risico blootstellen, dan kan de conclusie zijn dat dat erbij komt kijken. De heer Koffeman trok verder geen conclusie aan het einde van wat hij daarover zei. Wat bedoelt hij daarmee te zeggen?
De heer Koffeman (PvdD):
Ik ben blij met die vraag. Het moet duidelijk zijn dat op het moment dat wij in Nederland drones produceren voor de oorlog tussen Rusland en Oekraïne en wij daarmee op een lijst van targets komen vanuit de strijdende partijen, in dit geval Rusland, dit niet goed is voor de veiligheid van Nederland. De vraag die wij onszelf dus moeten stellen is of wij dat risico willen lopen en wat het toevoegt aan wat we willen bereiken in Oekraïne. Dat geldt ook bijvoorbeeld wanneer het kabinet zegt "wij leveren drones aan Oekraïne", maar het bij nader inzien kruisraketten blijken te zijn, wat niet is meegedeeld, en als je dat doet terwijl de Duitse regering zegt: wij doen dat niet, want die kruisraketten reiken tot te ver op Russisch grondgebied en dat levert een groot risico op voor onze eigen veiligheid en die van de NAVO-lidstaten. Dat zijn dingen waar je met elkaar over van gedachten moet wisselen. Dat betekent niet dat ik daar een vooringenomen standpunt over in wil nemen, maar ik wil wel van het kabinet weten welke risico's we lopen en hoe ze die taxeren.
De heer Martens (GroenLinks-PvdA):
Tot slot, voorzitter. De heer Koffeman werpt een vraag op. Hij zegt: als wij dat risico lopen, wil ik daarover geïnformeerd worden en moeten we die weging maken. Hoe maakt de heer Koffeman die weging dan zelf? Hoe beantwoordt hij zelf de vraag die hij zojuist aan het kabinet stelt?
De heer Koffeman (PvdD):
Wat ons betreft is het zo dat er inderdaad, zoals meerdere sprekers voor mij ook al hebben gezegd, in een heel snel tempo een andere manier van oorlogsvoering aan het ontstaan is. Per maand verschilt de wijze waarop er oorlog gevoerd wordt. Dat betekent dat je daar een open maatschappelijk debat over moet voeren. Dat is wat wij missen. Het gaat mij er dus niet om dat we geen drones kunnen produceren of dat we geen drones kunnen leveren. Het gaat mij erom dat we daar eerst een open maatschappelijk debat over moeten voeren. In 1983 waren er demonstraties van honderdduizenden mensen — misschien kunt u zich ze nog herinneren, misschien was het voor uw tijd — die de straat op gingen en die zeiden: geen kruisraketten in Nederland. Er was dan een enkeling die aan de kant stond en die een bord bij zich had — ik heb het goed onthouden — met daarop de tekst: "Beter een raket in de tuin dan een Rus in de keuken". Die discussie mis ik op dit moment. Het zou goed zijn als de bevolking ook geïnformeerd wordt over de risico's die we lopen, de doelen die we nastreven en wat het bijdraagt aan het dichterbij brengen van vrede. Het zou best kunnen dat je veel meer inspanningen zou moeten leveren vanuit Nederland aan diplomatie en de-escalatie dan aan het leveren van drones en aan killzones.
De voorzitter:
U vervolgt uw betoog.
De heer Koffeman (PvdD):
Voorzitter. Eens even kijken waar ik was. Het is duidelijk dat de in Nederland geproduceerde drones inmiddels verantwoordelijk zijn voor een aanzienlijk deel van de Russische slachtoffers. Inmiddels zijn dat er 30.000. De Oekraïense ambtsgenoot van de minister heeft gezegd: wij willen naar 50.000 gaan, want bij 50.000 dode soldaten per maand kunnen de Russen niet genoeg aanvullen. De hele Oekraïense defensieleiding geeft dat ook aan. Eenvoudig gezegd betekent dat dat de Russen sneller moeten worden gedood dan dat ze kunnen worden gerekruteerd. Onze vroegere minister-president steunt die strategie. Geldt dat ook voor het kabinet?
Voorzitter. De Partij voor de Dieren-fractie heeft grote moeite met deze cynische oorlogsboekhouding, waarbij menselijke slachtoffers tot statistieken worden gereduceerd. In deze hele oorlog zijn inmiddels zo'n 2 miljoen doden te betreuren. Dat zijn vaders, moeders, kinderen. Het gaat om mensen. Mijn vraag aan het kabinet is waarom het nog steeds inzet op verdere militarisering, terwijl er wordt bezuinigd op investeringen in vredesopbouw en diplomatie. Graag een reactie.
Voorzitter. Als fractie van de Partij voor de Dieren willen wij vandaag ook expliciet aandacht vragen voor slachtoffers die in oorlogstijd vrijwel altijd buiten beeld blijven: de dieren, de natuur en het milieu. Mensen die de schuilkelders in vluchten, nemen vaak hun hond of kat mee, maar veel dieren blijven achter: huisdieren, dieren in dierentuinen, paarden en miljoenen varkens, koeien en kippen in de stallen. Als ze niet omkomen door de inslag van bommen, dan gebeurt dat wel door honger en dorst. We weten dat de militaire sonar zeezoogdieren ontregelt, dat loopgraven en mijnenvelden de migratieroutes van dieren doorsnijden en dat giftige stoffen in de bodem en het grondwater terechtkomen, waar ze eeuwenlang achter kunnen blijven. Oorlogen verwoesten niet alleen mensenlevens, maar ook dierenlevens. Ze beschadigen bossen, vervuilen waterbronnen en vernietigen hele ecosystemen.
In Oekraïne zien we inmiddels een verdrietig nieuw fenomeen. De drones, ook de drones die wij maken, laten miljoenen kilometers glasvezeldraad achter in de bossen en natuurgebieden. Dieren raken daarin verstrikt. In maart 2022 viel door Russische beschietingen de stroom uit van een van Europa's grootste pluimveebedrijven. De geautomatiseerde voer- en watersystemen vielen daardoor stil en ruim 4,4 miljoen kippen stierven een langzame dood. Oekraïne heeft dit aangemerkt als ecocide. Ook dat is de werkelijkheid van deze oorlog. In de eerste maanden van de oorlog stierven er in heel Oekraïne officieel al meer dan 5,7 miljoen stuks pluimvee, tienduizenden varkens en tienduizenden runderen door directe inslagen, stroomuitval of het achterblijven op boerderijen in bezet gebied. MHP, het pluimveebedrijf dat wordt gesteund door Nederlandse banken en kredietverzekeraars, had dit jaar een kwartaalverlies van 85 miljoen dollar. Oorlog zorgt niet alleen voor menselijke littekens, maar ook voor ecologische littekens. Die blijven vaak nog vele generaties aanwezig. Hoe kijkt de minister daarnaar? Wordt er binnen NAVO-verband überhaupt gesproken over ecologische schade door oorlogvoering? Ziet de minister mogelijkheden om dierenwelzijn en natuurbescherming nadrukkelijker onderdeel te maken van haar veiligheidsbeleid? Graag een reactie. Ik overweeg een motie op dit punt.
Voorzitter, ik sluit af. De discussie over defensie wordt vaak gevoerd alsof er maar twee opties bestaan: je bent realistisch en voor meer bewapening of je stelt kritische vragen en bent een naïeve pacifist. Als Partij voor de Dieren-fractie hebben wij daar grote moeite mee. Er is namelijk nog een derde weg. Wij kiezen voor de bescherming van mensen, dieren en natuur zonder de illusie dat steeds meer wapens uiteindelijk vrede zullen brengen. De geschiedenis leert ons dat wapenwedlopen zelden leiden tot duurzame veiligheid. Meer wapens leiden tot meer wantrouwen en tot de escalatie van conflicten, en maken diplomatie moeilijker in plaats van makkelijker. Gewapende vrede is kwetsbare vrede. Daarom vragen we de minister welke concrete initiatieven Nederland neemt om diplomatieke kanalen open te houden. Welke inspanningen verricht Nederland om onderhandelingen en de-escalatie te bevorderen? Welke rol ziet de minister voor Nederland als bruggenbouwer?
Voorzitter. Ik eindig graag met een citaat van Bernard Röling: "Oorlog is mensenwerk, vrede ook". Voorts ben ik van mening dat er een eind moet komen aan de bio-industrie.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan geef ik graag tot slot het woord aan de heer Goossen van de fractie van de BBB.