De minister van Justitie en Veiligheid zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Janssen (SP), toe in de wetsevaluatie het Duitse en het Belgische model mee te nemen bij de (rechts)vergelijking, meer in het bijzonder door in de evaluatie aandacht te besteden aan de verschillen tussen een algemeen verbod (Belgische model) en een specifiek verbod zoals in het Duitse model dat nu ook in Nederland gaat gelden.
| Nummer | T04202 |
|---|---|
| Status | openstaand |
| Datum toezegging | 2 juni 2026 |
| Deadline | 1 juli 2030 |
| Verantwoordelijke(n) | Minister van Justitie en Veiligheid |
| Kamerleden | mr. R.A. Janssen (SP) |
| Commissie | commissie voor Justitie en Veiligheid (J&V) |
| Soort activiteit | Plenaire vergadering |
| Categorie | evaluatie |
| Onderwerpen | conversiehandelingen homogenezing strafbaarstelling verbod |
| Kamerstukken | Initiatiefvoorstel-Paulusma, Becker, Westerveld, Dobbe en Kostic Wet strafbaarstelling conversiehandelingen (36.178) |
Handelingen I 2025/2026, nr. 31, item 9, p.
De heer Janssen (SP):
“Voorzitter, dank u wel. Wat in het initiële wetsvoorstel een algemeen Belgisch verbodsmodel leek, is met de toelichting in de memorie van toelichting naar aanleiding van de opmerking van de Raad van State toch opgeschoven richting het Duitse model met een specifiek verbod. Laat ik het zo maar zeggen. Als SP vinden wij het een verstandige zet om in de wet op te schrijven wat in de wet hoort te staan. Ik zou bijna zeggen: dat zouden meer mensen moeten doen. Ik kijk dan ook uit naar 7 juli, als wij in een debat de strafbaarstelling van mensenhandel hier met elkaar bespreken.
Voorzitter. Er is iets wat ik toch even wil vragen. Is er een verschil tussen het Duitse en het Belgische model, of het algemene verbod en het specifieke verbod? Het is nu misschien nog te vroeg om daar een oordeel over te vellen. Ik zou willen vragen om daar dan in de evaluatie aandacht aan te besteden door te kijken of we het verschil kunnen zien tussen een algemeen verbod zoals het nu in België geldt en een specifiek verbod zoals dat in Nederland gaat gelden. Daar dus graag een antwoord op.”
Handelingen I 2025/2026, nr. 31, item 9, p.
Minister Van Weel:
“Kunnen wij in de evaluatie het Duitse en het Belgische model meenemen in de vergelijking? Ja, dat kunnen wij, dus dat zeg ik bij dezen toe.”
Brondocumenten
-
behandeling Verslag EK 2025/2026, nr. 31, item 9
-
2 juni 2026
toezegging gedaan