Verslag van de vergadering van 26 oktober 2026 (2026/2027 nr. 05)
Status: ongecorrigeerd
Aanvang: 17.50 uur
Een verslag met de status "ongecorrigeerd" is niet voor citaten en er kan geen recht aan ontleend worden.
De heer Steenkamp i (CDA):
Voorzitter, dank u wel. Inderdaad, ik spreek vandaag mede namens de fractie van OPNL. Lokale publieke omroepen zijn belangrijk. Ze informeren inwoners over hun directe leefomgeving, verbinden gemeenschappen en controleren het lokale bestuur. Lokale omroepen vormen daarmee een essentieel onderdeel van onze rechtsstaat, waarover deze Kamer morgen verder debatteert. De CDA-fractie steunt daarom de professionalisering van de lokale publieke omroep. Niet omdat groter automatisch beter is, maar omdat professionalisering de journalistieke meerwaarde van lokale omroepen voor inwoners vergroot. Wij steunen ook de overheveling van de financiering van de gemeenten naar het Rijk. Daarmee wordt de financiële basis versterkt en dit vermindert de afhankelijkheid van de gemeentebesturen, die de lokale journalistiek kritisch moet kunnen volgen. Maar achter de lokale omroep gaat meer schuil dan een journalistieke organisatie: er is vaak een omvangrijk netwerk van vrijwilligers, van mensen die de streek kennen en weten wat er leeft. Ook dat heeft meerwaarde. Daarom moet professionalisering de lokale betrokkenheid niet verdringen, maar versterken.
Voorzitter. De inrichting van het publieke mediabestel kent een heldere ordening: een landelijke, regionale en lokale laag; iedere laag heeft een eigen verzorgingsgebied en daarmee een eigen journalistieke functie. Het wetsvoorstel dat wij vandaag bespreken, herziet de lokale laag, de lokale omroep die het dichtst bij inwoners, buurten, dorpen, gemeenten en hun bestuur staat. Deze herziening hangt al geruime tijd boven de markt. Via de tijdelijke regeling voor de professionalisering van lokale publieke media-instellingen is daarop al nadrukkelijk voorgesorteerd. Dat maakt dat wij het wetsvoorstel inmiddels kunnen toetsen op uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid op basis van de voorbereidende ervaringen uit de praktijk. Die ervaringen laten een gemengd beeld zien. In sommige regio's verloopt de samenwerking zo voorspoedig dat organisaties ontstaan die meerdere streken omvatten. De stichting Regionale Publieke Omroep heeft in dat kader gewezen op meerdere streekoverstijgende clustervormingen.
De CDA-fractie vindt samenwerking op zichzelf positief, maar mijn fractie hecht ook aan de inrichting en ordening van het publieke mediabestel zoals ik dat net benoemde, juist om de lokale samenhang en herkenbaarheid te borgen. En ook dat sluit aan bij het wetsvoorstel dat wij vandaag behandelen. Daarom roept de vorming van streekoverstijgende clusters bij mijn fractie meer principiële vragen op. Hoe verhoudt deze schaalvergroting zich tot het lokale karakter van de publiekemediaopdracht, wanneer de journalistieke aansturing, capaciteit en middelen feitelijk op een hoger schaalniveau worden georganiseerd? Kan de minister verduidelijken of dit type streekoverstijgende organisatievorming past binnen de bedoeling van dit wetsvoorstel en hoe dit zich verhoudt tot de bestaande regionale publieke omroep? Kan één organisatie meerdere streekomroepen onder zich hebben?
Voorzitter. Er zijn ook voorbeelden van waar de vorming van een streekomroep duidelijk moeizamer gaat. De CDA-fractie heeft in de schriftelijke behandeling al gewezen op de regio Breda, de Baronie van Breda, en de beoogde streekomroep Zoetermeer Lansingerland. De minister heeft hierop geantwoord dat een fusie niet verplicht is, en dat het commissariaat uiteindelijk één omroep per verzorgingsgebied aanwijst. Dat is een juridisch duidelijk antwoord, maar praktisch nog niet zonder vragen. Hoe wordt de lokale worteling geborgd wanneer een bestaande lokale omroep met een lokaal vrijwilligersnetwerk niet bij de nieuwe streekomroep wordt betrokken? Als een omroep digitaal of commercieel doorgaat en dan toch bij de gemeente aanklopt voor financiering, ontstaat er dan niet alsnog een versnipperd medialandschap, met parallelle publieke financiering? Hoe beoordeelt de minister dat vanuit de uitvoerbaarheid en doelmatigheid van het nieuwe stelsel?
Voorzitter. Ook vanuit de CDA-fractie een enkele vraag over de pbo's. Ik kort het meteen af. De regering heeft inmiddels toegezegd dat het functioneren van de pbo's zal worden meegenomen als onderdeel van de evaluatie van het wetsvoorstel. Maar een evaluatie is achteraf, terwijl wij nu, in aanloop naar de wet, al zien dat de vorming van de pbo's niet zonder slag of stoot gaat. Welk comfort kan de minister ons ten aanzien hiervan nú geven?
Verder vraag ik mede namens de fractie van OPNL aandacht voor een ander uitvoeringsvraagstuk, dat zich voordoet in een gebied met bijzondere geografische omstandigheden: het Waddengebied. De simpele noodzaak van bootreizen maakt de lokale journalistiek aldaar kostbaarder. Collega Van der Goot van OPNL vroeg daar bij de schriftelijke behandeling al aandacht voor. Kan de minister aangeven of deze unieke omstandigheden toch niet meer middelen rechtvaardigen, om te waarborgen dat de lokale journalistiek ook daar kan professionaliseren? Kan de minister onze zorgen op dit punt wegnemen?
Tot slot, voorzitter. Tijdens de behandeling van dit wetsvoorstel is de radio wat ondergeschoven. Ten onrechte, want de lokale radio is vaak een netwerk van vrijwilligers en draagt daarmee evident bij aan de lokale worteling, herkenbaarheid en verbondenheid. Maar deze wet brengt uitvoeringsvragen voor de radio met zich, want ook voor de radio geldt straks dat per programmakanaal ten minste de helft van het media-aanbod in het bijzonder betrekking moet hebben op het lokale verzorgingsgebied. Dat is in beginsel een heldere norm, maar voor radio's met muziekgedreven radioprogrammering is dat lastig toepasbaar. Wanneer heeft een radioprogramma in het bijzonder betrekking op het lokale verzorgingsgebied? Wordt het programma als geheel beoordeeld? Welke betekenis hebben daarbij bijvoorbeeld de presentatie, lokale gasten en lokale nieuws- of informatieblokken? Kan de minister aangeven hoe en wanneer het Commissariaat voor de Media duidelijkheid geeft over de uitleg, de toepassing en de verantwoording van deze norm bij lokale radio?
Voorzitter. De CDA-fractie steunt de richting van dit wetsvoorstel. Schaalvergroting an sich is niet de oplossing. Het succes van de lokale media wordt uiteindelijk niet afgemeten aan de schaal of structuur, maar aan wat inwoners ervan merken: betrouwbare journalistiek, herkenbare berichtgeving en een omroep die geworteld blijft in de lokale gemeenschap.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan geef ik graag tot slot het woord aan de heer Van Apeldoorn. Hij spreekt namens de SP.